Te dun, te mager of te licht

Er is altijd veel te doen over te zwaar zijn en afvallen. Maar er zijn ook mensen die lichter zijn dan ze zouden willen. Dat kan betekenen dat iemand volgens de normen te weinig weegt. Maar ook dat iemand er magerder uitziet dan hij zou willen, of zo weinig ‘reserves’ heeft in zijn lichaam dat hij er minder fit van wordt.

Mocht iemand in deze situatie bij je komen voor leefstijlcoaching, dan zou je allereerst zou je kunnen kijken wat er aan de hand is:

  • Is iemand mager omdat hij erg weinig eet?
  • Of heeft hij juist veel honger, eet hij veel en komt hij toch niet aan?

Is het het eerste, dan wordt de belangrijkste vraag: waarom eet je zo weinig? Ben je veel met je hoofd bezig en vergeet je je lichamelijke behoeftes? Heeft eten geen prioriteit voor je? Of is er misschien iets niet in orde in je lichaam?

Als iemand geen eetlust heeft en hij weet niet waarom, overleg dan of er iets onderzocht moet worden. Een gezond mens zou een paar keer per dag honger moeten voelen. Ook als de eetlust plotseling verdwenen is, is dat een reden om een arts te raadplegen. Daarnaast is zelfonderzoek een optie, bijvoorbeeld door een paar dagen bij te houden of er hongergevoel is en wat er dan mee gedaan wordt.

Vergeet iemand te eten of maakt hij andere dingen belangrijker dan de behoefte van zijn lichaam vervullen, dan kun je eens met hem nadenken of het echt waar is dat die andere dingen belangrijker zijn.

Als iemand al zijn hele leven veel eet en weinig aankomt, heeft hij waarschijnlijk van nature een snelle stofwisseling en een tengere bouw. Is dit pas later ontstaan, dan is het verstandig om nader onderzoek te doen, bijvoorbeeld naar de schildklierwerking.

Is iemand gezond of is er in ieder geval medisch gezien niets wat hij nu eerst moet doen, dan zijn de volgende tips wellicht bruikbaar: 1. Eet drie tot vier stevige maaltijden per dag. Als je de hele dag kleinere maaltijden eet, stimuleer je je stofwisseling alleen maar om harder te verbranden. Vermijd vooral de hele dag door snoepen. Dit zorgt dat je eetlust afneemt. 2. Eet ’s middags en ’s avonds eiwitrijk. Dan is de stofwisseling vaak iets rustiger dan ’s ochtends en zorgt zulk ‘stevig’ voedsel ervoor dat het lichaam meer voedingsstoffen kan opslaan. Je kunt bijvoorbeeld yoghurt, kwark of cottage cheese bij je maaltijden eten. 3. Beweeg regelmatig en kies dan (ook) voor sport waarbij je spieren opbouwt. Vraag als het nodig is een keer advies bij een sportschool, wat geschikte oefeningen zijn voor je en wat een veilig opbouwschema is. 4. Leer goed omgaan met stress en onrust. De kans is groot dat jouw stress-systeem zo in elkaar zit, dat je bij stress veel energie verbruikt. Blijf dus ook een beetje uit de buurt van pepmiddelen, waaronder koffie en cola. 5. Heb je zo weinig reserves dat je je echt slap en naar voelt als je ’s ochtends wakker wordt? Zorg dan dat je eerst iets voedzaams te eten of de drinken krijgt voor je iets anders gaat doen. Bereid het de avond tevoren voor als dat nodig is.

Je kunt in je rol als leefstijlcoach mensen tegenkomen van wie je vermoedt dat ze ondervoed zijn. Dit kan onder meer het geval zijn door of na ziekte, door de stress van ingrijpende gebeurtenissen of bij ouderen. Ondersteuning van een diëtist kan in zo’n geval een goede of zelfs noodzakelijke stap zijn.